Search for:

Aanleiding tot de bouw van Lewenborg

In de jaren ’60 was er sprake van een ongekende opbloei van de economie in Nederland. Daarmee groeide ook de welvaart en de vraag naar ruimere en comfortabeler woningen voor jonge gezinnen. Tegelijkertijd ontstond de wens bij de overheid om mensen uit de Randstad te verleiden zich elders in het land te vestigen. De auto was gemeengoed geworden, mensen werden mobieler en wonen en werken konden makkelijker van elkaar gescheiden worden, zo was de gedachte. In 1960 verscheen de (Eerste) Nota inzake de Ruimtelijke Ordening. Het Noorden was daarin benoemd als één van de beoogde groeiregio’s. Zo verwachtte men rond het jaar 2000 een groei van het inwonertal van de stad Groningen naar een kwart miljoen.

Bevolkingsgroei en start bouw

Om de periode van bevolkingsgroei in de jaren ’60 op te vangen werd in 1969 de nieuwe uitbreidingswijk Lewenborg ontwikkeld. De gemeente had de stedenbouwkundige structuur van de wijk vastgelegd, maar gaf bij de planontwikkeling binnen die structuur aanzienlijk meer ruimte aan de woningcorporaties dan bij stadsuitbreidingen eerder in de jaren zestig. Woningbouwverenigingen Gruno en Volkshuisvesting kregen de leiding over een stuurgroep met daarin De Nationale Woningraad (NWR), architecten, de gemeente en externe adviseurs voor financiën en verkeerskundige kwesties. Insteek was om met de kennis en kunde van de corporaties een betere afstemming tussen woningen, woonomgeving en verkeerscirculatie te krijgen dan eerder in Paddepoel en Vinkhuizen. Vanaf 1971 werden in Lewenborg zo’n 5.000 woningen gebouwd, waarvan 3.000 woningwet- en premiewoningen door de corporaties werden gerealiseerd.

X